Archive from juni, 2018
jun 28, 2018 - Uncategorized    3 Comments

Ik zie je graag, maar morgen misschien niet meer.

Ik heb heel lang mezelf niet toegestaan gelukkig te zijn, iets voor mezelf te doen en daar gelukkig van te worden. Alsof iets binnen in mij zei dat dat niet mocht.
Op een vrije dag stond ik mezelf amper of niet toe iets voor mezelf te doen.
Vrije dagen waren er voor de kinderen, om was en strijk in te halen, boodschappen te doen, eten klaar te maken. De kinderen naar de opvang brengen om eens een dagje te bekomen, om gewoon wat me-time te hebben in welke vorm dan ook, kon niet. Gewoon eens een namiddagje luieren thuis, met een kop thee en een goed boek, dat mocht ik niet van mezelf.
Waarom eigenlijk niet? Ik voelde me steeds enorm schuldig als ik me daaraan bezondigde.

Van thuis uit is ons altijd ingeprent dat we niet lui mochten zijn.
Als kind mochten we in het weekend nooit uitslapen. Om acht uur op op zaterdag, boodschappen doen naar de bakker, de slager, de buurtwinkel,…
Helpen in het huishouden, huiswerk maken. Niet spelen met de kinderen van de straat, want die waren gemeen. We woonden volgens mijn moeder in een gemene straat. Er kwamen ook zelden vriendinnetjes spelen en omgekeerd gebeurde dat natuurlijk ook niet zoveel. Je kan niet verwachten uitgenodigd te worden als je zelf nooit uitnodigt… Als ik zo terugkijk op die periode had ik ook niet veel vriendinnetjes. Dus speelden we binnen, onder het alziend oog van mama. Wat ik wel had was een grote verkleedkoffer, met oude voile gordijnen en ander fraais, daar heb ik heel veel mee gespeeld. We waren heel hard op onszelf. Geen buitenschoolse activiteiten voor ons, wij moesten ons concentreren op ons schoolwerk en goeie resultaten behalen. Hoe graag ik ook muziekschool had gevolgd, een instrument had bespeeld, gezongen, het mocht niet. Ik dacht toen dat er geen geld voor was, maar was dat eigenlijk wel zo? Of was het gewoon een goed excuus?

Toen ik een jaar of negen was, moest ik plots mijn eigen kamertje afstaan en een kamer én het bed delen met mijn middelste zus. Oudste zus had haar eigen kamer op de zolderverdieping. Ik heb nooit geweten waarom ik plots mijn eigen plaatsje moest opgeven, waarom ik opeens gestraft leek. Ik huilde bittere tranen om het verlies van mijn kamertje, dat opeens gewoon leeg stond en als opslagruimte werd gebruikt. Er werd geen aandacht besteed aan mijn verdriet en er werd geen uitleg gegeven, het was gewoon zo. Jaren later, toen ik al lang het huis uit was, heb ik mijn moeder gevraagd waarom ik toen uit mijn kamertje werd gezet. Blijkbaar hadden ze geen dekens genoeg en kwam het zo beter uit dat ik met middelste zus één bed moest delen. Ik kon niet zo goed opschieten met haar, ze was geniepig en achterbaks en daarenboven stonk ze verschrikkelijk hard uit haar mond zodat het samen slapen in één bed een marteling was. Dat waren voor mij lange jaren die volgden tot mijn oudste zus trouwde en middelste zus naar de zolderverdieping trok. Toen had ik eindelijk weer een eigen kamer en wat privacy. Hoewel dat gevoel van privacy slechts een illusie was. Bij het schoonmaken van mijn kamer werden mijn spulletjes doorzocht, mijn dagboeken werden opengebroken en gelezen en ik werd daarover op het matje geroepen. Ik ben toen de delicate stukjes in geheimschrift beginnen schrijven. Spulletjes en tekeningen verdwenen en ik zocht en zocht maar vond ze nooit terug… En toen ik mama vroeg of zij misschien wist waar ze waren, wist ze van niks. Ik zou ze wel ergens mislegd hebben, sloddervos als ik was…
Later bleek dat ze onze spulletjes gewoon weggooide zonder ons daarin te kennen. Toen al werd er nooit aandacht besteed aan onze gevoelens.

Als we voorbeeldig deden wat er allemaal van ons werd verwacht, werden we graag gezien, kleurden we buiten de lijntjes werden we afgestraft. “Ik zie je graag, want ….” en “ik zie je niet meer graag omdat …. ” werden afwisselend gebruikt door mijn moeder, met als gevolg dat je als kind heel onzeker gaat worden over het begrip liefde en de voorwaardelijkheid ervan.
Ik betrap mezelf er nu nog af en toe op dat ik mijn man vraag “Zie je me nog graag?”, alsof dat zomaar van de ene op de andere dag kan veranderen.

Als je op deze manier wordt opgevoed, jouw mening er niet toe doet en je dan nog eens het gevoel hebt alles te moeten doen wat in je macht ligt om graag gezien te worden, dan laat dat toch zijn sporen na. Het was voor mij heel erg moeilijk om los te komen van mijn schuldgevoelens, om los te komen van het patroon jezelf in honderd bochten te wringen om goed te doen voor iedereen,
om zo liefde te “verdienen”. Wat blijft er dan nog van jezelf over?
Om nog niet te spreken van de liefde voor jezelf?
Niets of bitter weinig in elk geval.

Ik heb moeten leren om van mezelf te houden. Om mezelf dingen te gunnen. Om mezelf geluk te gunnen. Om minder perfectionistisch te zijn. Om mijn laars te lappen aan wat anderen wel over mij denken en vooral om mijn laars te lappen aan wat mijn moeder over mij denkt. Want wat ik ook doe of deed, kritiek krijg ik toch altijd. Het is precies alsof ze ons geen geluk gunt, alsof ze altijd wel zou willen dat het verkeerd loopt voor ons.

 

 

 

1,930 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

jun 18, 2018 - Uncategorized    1 Comment

Valium

Vorig jaar in de zomer, een zestal weken voor zijn overlijden werd papa ziek.
Hij kreeg hoge koorts ’s nachts en was verward door de koorts.
Mijn moeder weet heel goed wat je moet doen met iemand die koorts heeft.
Ze heeft genoeg voor mijn kinderen gezorgd én voor papa om te weten dat je iemand niet moet toedekken met twee extra dekens, ook al rilt die van de koorts. Deppen met natte, koude washandjes en een koortswerend middel toedienen en als dat niet aanslaat de dokter bellen. Maar die nacht gaf ze papa valium in plaats van dafalgan. Met als resultaat dat hij helemaal van zijn land weg was… De koorts bleef hoog, hij was apatisch, plaste waar hij zat…
En toen sloeg ze in paniek en belde mij op. Toen ik thuis aankwam lag er een gloeiend hoopje ellende in de zetel onder twee fleece dekens dat amper zijn ogen kon opendoen, wartaal sprak en mij nauwelijks herkende. Het eerste wat ik deed was de dekens van hem afgooien en hem te lijf gaan met een koud washandje. De huisdokter was ondertussen opgebeld en zij had besloten om papa in spoed te laten opnemen gezien de situatie. Ik ben meegegaan naar spoed, moeder bleef thuis om het huis op te ruimen. Vanaf het ogenblik dat hij een infuus had gekregen met een koortswerend middel, kwam hij weer helemaal tot leven en babbelde zelfs honderduit tegen de verpleger. Hij had een zware infectie op de urinewegen en heeft toen een week in het ziekenhuis gelegen tot alles weer in orde was. Mama heeft me toen opgebiecht dat ze hem valium had gegeven…
ze had zijn toestand verward met een epileptische aanval… Hoe kon ze?
Ik was zo boos.
Mijn vadertje had micro-epilepsie, iets dat vrij goed onder controle werd gehouden door een toch wel zeer hoge dosering medicatie. Hoger dan eigenlijk nodig omdat mijn moeder als de dood was dat hij een aanval zou doen.
Een aanval bij papa kenmerkte zich door verwardheid, slikproblemen en weerstand. Hij stelde zich dan heel erg tegen haar en daar had ze het meeste schrik voor denk ik. Verder had ze valium in huis voor het geval een aanval doorbrak om hem, wanneer nodig, te kalmeren. Een machtig wapen in haar handen want ik kan me voorstellen dat hij haar op geen enkel moment nog moest dwarsbomen of tegenspreken of dat ze hem drogeerde.
Ze had op die manier ten alle tijde de complete controle over hem.
Hij wist het en kon er niets tegen doen.

1,770 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

jun 8, 2018 - Uncategorized    1 Comment

Surreëel?

Ik kreeg deze week de opmerking dat dit alles toch wel vrij surreëel lijkt…
Alsof ik alles zou overdreven hebben?
Niets van wat hier neergepend staat is overdreven. Dat en nog veel meer, hebben we écht meegemaakt, jammer genoeg. En het zou opnieuw gebeuren, had ik er geen halt toe geroepen.

Mijn moeder liegt en manipuleert al haar hele leven om haar zin te krijgen, dat op zich is al surreëel. Ze zal altijd de schuld op iemand anders afschuiven en deze nooit zelf nemen. Niets is immers haar fout. In discussies wordt je steevast een schuldgevoel aangepraat. Als ik mijn gedacht tegen haar zei, dan was het antwoord bijna altijd verwijtend en zeker projectief: “Jij bent niet goed wijs, je maakt van alles een drama. Je denkt alleen maar aan jezelf, je bent een harde!” Je gedachten, emoties en gevoelens worden zodanig verdraaid, dat je gaat twijfelen aan jezelf. En dan voel je je verward en boos maar durft dit niet te zeggen omdat je bang geworden bent van de consequenties hiervan.
Je hebt de neiging om steeds je excuses aan te bieden, terwijl je wel beseft dat je niets fout hebt gedaan, maar je gevoel geeft aan dat je de lieve vrede moet bewaren. Je merkt dat je grotendeels bezig bent met haar te plezieren, waarbij je jezelf verloochent. Je onderdrukt je gevoelens en je mening, omdat je gemanipuleerd wordt te denken dat deze onbelangrijk zijn, er wordt immers toch niet naar je geluisterd. Jouw verhaal is niet belangrijk. Van het ogenblik dat ze een kans ziet, stuurt ze jouw verhaal in haar richting en is zij terug aan het woord. We hebben al die jaren de lieve vrede proberen te bewaren omwille van papa.

Op een gegeven moment ga je confrontaties vermijden, omdat je het niet meer aankan. Tegelijkertijd hoop je dat, als je nog meer je best doet, nog meer begrip toont, nog meer liefde geeft,…, deze waarden teruggegeven worden, maar dat gebeurt niet of slechts kortstondig… Je gaat denken dat je gek wordt en je legt de verwarrende situaties uit aan mensen die je vertrouwt. Dit om de bevestiging te krijgen die je eigenlijk van je moeder verlangt, en dat op zich is surreëel, want de liefde van jouw moeder voor jou zou er altijd moeten zijn, onvoorwaardelijk.

 

1,350 totaal aantal vertoningen, 5 aantal vertoningen vandaag